Na de scheiding

Over Wie is die vrouw? van Elke Geurts

Elke Geurts - Wie is die vrouwHoe schrijf je over je geliefde? Of over je ex? ‘Als ik een vrouw had die zó over mij zou schrijven, zou ik onmiddellijk naar haar terugrennen,’ zei de redacteur van een radioprogramma die Elke Geurts graag in de uitzending wilde hebben om te spreken over haar columns over haar scheiding. Later ook nog een keer over het boek dat voortkwam uit de scheiding Ik nog wel van jou. Haar nieuwste roman Wie is die vrouw? vormt een tweeluik met het vorige boek. Ditmaal beschrijft Geurts de jaren na de scheiding, hoe haar leven verderging en een nieuwe relatie – met de redacteur. Net als haar vorige boek vermengt Geurts de werkelijkheid met fictie om er een roman van te maken, maar het valt me soms lastig die twee uit elkaar te houden.

Na Ik ook nog wel van jou trad Geurts regelmatig op met lezingen over haar roman en over scheiden. Samen met de eveneens gescheiden schrijver Henk van Straten was ze samen te gast; zij de verlatene, hij de verlater. Op een van deze avonden kreeg ze van een man na zo’n lezing te horen dat het verhaal van haar roman toch net wat anders zat: zíjn vrouw had al jaren een affaire met haar man. Deze vrouw bleek ook nog eens al jaren een schrijfcursus te volgen waar Geurts lesgaf. De vraag ‘wie is die vrouw?’ slaat enerzijds op deze vrouw, maar meer nog gaat de vraag over Geurts zelf: wie is zij?

Wie is zij, maar ook: wat wíl zij? Langzaamaan bouwt Geurts – in deze roman niet meer aangeduid als E.G. zoals in Ik nog wel van jou, maar opgevoerd als ik-figuur, en soms, als ‘de vrouw’ – een nieuw leven op. Nieuw huis in Amsterdam-Noord. En ook een nieuwe relatie, al blijft het lang aftasten. M., de redacteur van de radioprogramma, vraagt of ze het liefde zullen noemen. ‘“Laten we dat nou niet doen,” zei ik. “Liefde is zo’n groot woord.”’

Onuitstaanbaar

Interessanter dan het verhaal over die andere vrouw, vond ik de relatie tussen Elke Geurts en Martijn. Of eigenlijk moet dat zijn: de ik-figuur en M. Het is tenslotte fictie. Het viel me echter lastig om dat steeds te beseffen. Wat Geurts beschrijft valt makkelijk samen, of lijkt dat in ieder geval te doen, met de werkelijkheid. Namen worden niet genoemd in het boek, maar het is duidelijk wie wie is, zoals de eerder genoemde columnist. Wanneer Geurts het heeft over de tractor met knuffels waar ze langsfietst, dan weet ik waar die staat. Of stónd, want de tractor is inmiddels verdwenen en de knuffels zitten inmiddels aan een picknicktafel. Wanneer ze een optreden beschrijft tijdens de Nacht van de Literatuur, dan weet ik hoe dat was, omdat ik daar bij was. En zo meer.

De spanning tussen werkelijkheid en fictie voel ik zo sterk, omdat M. zo onuitstaanbaar is. Het kan voor het verhaal goed werken om een personage antipathiek te maken, maar hier gaat toch een werkelijk figuur achter schuil. Ik vind het althans antipathiek. Het is zo’n drammerig type. Niet alleen wanneer hij erop staat haar een lift te geven of per se het plan wil doorzetten om een cadeautje te kopen, maar Geurts niet Hoog Catherijne in wil. Ook in bed, wat een scène oplevert die pijnlijk is, grappig en ergerniswekkend. Hij moet en zal haar ook naar een hoogtepunt brengen. Geen afleiding van iemand die aanbelt.

‘Zullen we het voor nu anders even laten?’
Hij zei ‘niks ervan’ en dat ze de draad weer op gingen pakken. Het zou sneller gaan nu. Dat wist hij zeker. Ze zaten zo weer op het oude niveau en dan stootten ze meteen door naar de hoogste regionen. ‘Niet opgeven nu,’ zei hij. Hij kon het niet in zijn eentje klaarspelen. Het was belangrijk dat zij ook doorzette. Dat zij er niet weer de brui aan gaf. Alleen vanwege die stomme bel.
‘Het is ook gewoon wérken,’ zei hij. ‘Voor een vrouw is het harder werken. Dat is gewoon zo.’

Ik vroeg me af wat er wél leuk was aan deze M. De grootste spanningsboog in Wie is die vrouw? vond ik de vraag of M. aan het einde van het boek nog in beeld was. De roman en de werkelijkheid liepen in deze vraag door elkaar. Ik las passages voor en L. vermoedde: ‘zo schrijf je niet over iemand als je nog bij elkaar bent.’

Elke Geurts – Wie is die vrouw? | paperback, 240p. | 1e dr. Lebowski

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Blijf op de hoogte