Al het verdeelde zit voorgoed in ons

Over Ik ben hier liever niet alleen van Marjoleine de Vos

omslag Marjoleine de Vos - Ik ben hier liever niet alleenHoe kijk je terug op het leven van je overleden broer? In het onlangs verschenen essay Ik ben hier liever niet alleen onderzoekt Marjoleine de Vos de gevoelens die ze, in verschillende levensfasen, voor haar broer Huib koesterde. ‘We kenden elkaar niet goed,’ schrijft ze. ‘Ik wist niet veel van zijn leven, ik begreep eigenlijk niet waarom zijn leven zo gelopen is, noch waarom ik me zo hardnekkig met hem verbonden bleef voelen. En hoe konden we nu ineens zo nabij zijn?’

Met schrijven naar aanleiding van een overlijden en gemis begeeft De Vos zich op bekend terrein. ‘Gemis is niet dat er niemand is tegen wie je iets kunt zeggen, maar dat je niet langer door een specifieke ene begrepen kunt worden zoals je het liefst begrepen wilt worden,’ schreef Marjoleine de Vos in het prachtige wandelboekje (wandel- én denkboekje!) Je keek te ver. Schitterend verwoord, zoals De Vos vaker prachtig over het missen van iemand kan schrijven; haar essay En steeds is er alles ging over het verlies van een geliefde.

Het zat er allemaal al in

Deze jongste broer over wie ze in Ik ben hier liever niet alleen schrijft, Huib, had niet het gemakkelijkste leven. Hij was verslaafd aan heroïne, later aan alcohol, werd een non-stop rokende werkloze, woonde bij zijn moeder op zolder. De Vos had vaak ruzie met hem, maakte hem verwijten. Waar ze tijdens zijn leven vooral irritatie en boosheid ervoer, is er nu meer ruimte voor mededogen: ‘In het verhaal dat mijn broer over zijn leven vertelde, en dat ik altijd tegensprak, kon hij nooit ergens iets aan doen en was iedereen de schuld van wat er gebeurde. Nu trek ik de lijn zo dat hij voornamelijk medelijden verdient.’

Het verhaal dat De Vos van het leven van haar broer maakt, blijft een verhaal. Verschillende hoofdstukjes gaan over de oorzakelijke verbanden in het leven. Achteraf kunnen we zeggen: ‘het zat er allemaal al in’. Daar kun je een mooi verhaal mee vertellen, maar ‘[h]et waargebeurde toont zich juist in het feit dat het géén verhaal is.’ Het gehele leven is ook niet te overzien; we zien altijd maar een deel. Mooi citeert De Vos hierbij het gedicht ‘Kruim’ van Eva Gerlach:

Wat heel is, kunnen wij niet zien, het is
te groot, het past ons niet en niet
in onze hoofden

maar wat aan mootjes, haksel is, verkiezeld,
kruim, gepureerd, verstoven of ontbonden –

al het verdeelde zit voorgoed in ons.

Bestaanshulp

Het is tekenend voor hoe Marjoleine de Vos schrijft. De hoofdstukken in dit essay zijn nooit helemaal afgerond, impliciete vragen worden nergens definitief beantwoord. Maar via wat ze leest probeert De Vos te reflecteren op de verbondenheid – of het gebrek daaraan – die ze voor haar broer voelde. De verschillende kanten daarvan onderzoekt ze in mooie, kleine stappen. En regelmatig is er een zin die iets van een waarheid bevat, iets helder naar voren brengt van wat je misschien vagelijk wist, zoals: ‘Enorme bewondering of medelijden maken een evenwichtige verhouding of vriendschap onmogelijk, al kun je iemand best ergens om bewonderen.’

En steeds geven verhalen en gedichten de gedachten van Marjoleine de Vos houvast. ‘C.O. Jellema noemde kunst, althans zijn eigen gedichten, “een levenshulp”, door de “bestaans­intensivering” die het gedicht bood, voor de duur van het gedicht,’ schrijft ze. Hetzelfde geldt voor Ik ben hier liever niet alleen: het is een prachtige bestaanshulp van net geen honderd pagina’s lang.

Deze recensie van Ik ben hier liever niet alleen verscheen eerder op Boekenkrant.com.

Marjoleine de Vos – Ik ben hier liever niet alleen | paperback, 96p. | 1e dr. Van Oorschot

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Blijf op de hoogte