Onder een roze dekentje

Over Ik moet nog even kijken of ik kan van Liesbeth Smit en Stil van Susan Cain

Liesbeth Smit Ik moet nog even kijken of ik kanDe stille revolutie van de introverte mens. Dat is de ondertitel van Ik moet nog even kijken of ik kan van Liesbeth Smit, een onlangs verschenen boek over introversie. Maar zo heel stil verloopt die revolutie nou ook weer niet: voor introversie is er de laatste tijd veel aandacht. Er zijn alleen zo veel misverstanden over. In De Volkskrant maakte Sander Kok zich druk om de introverte schrijver. Die zou zo verlegen en schuchter zijn dat hij ‘verpietert’ in het kunstlicht van de tv-studio. Want misschien ben je wel ‘te introvert voor televisie’. Heel mooi dat Kok aandacht vraagt voor deze ‘soort’, alleen geloof ik niet dat je de introvert een dienst bewijst door hem ook meteen aan te wrijven verlegen en schuchter te zijn. Dat zijn gewoon verschillende dingen.

Misschien moet hij er eens een boek over lezen. Bijvoorbeeld dat boek van Liesbeth – ik schrijf Liesbeth; we zijn op first name basis. Of Quiet van Susan Cain, vertaald als Stil, met als ondertitel De kracht van introvert zijn in een wereld die niet ophoudt met kletsen. Ook al zo’n een goed boek, waarin Cain heel veel duidelijk maakt over introversie.

Natuurlijk, wat Sander Kok schrijft is wel een beetje waar: onze samenleving is voor een groot deel gericht op een extraverte norm. Maar dat betekent niet dat de introverten alleen maar in de postkamer blijven steken en nooit zullen uitgroeien tot uitstekende captains of industry zoals hij vreest (daarover later meer). En het betekent ook niet dat het extraverte ideaal er altijd geweest is en dat dat overal het ideaal is.

Dat laat Cain mooi zien in haar boek. Ze begint haar boek met een beschrijving van hoe de Verenigde Staten in de vorige eeuw veranderde van een land met een ‘karaktercultuur’ naar een land met een ‘persoonlijkheidscultuur’. Het leidde tot het stereotype van de Amerikaan die (over)enthousiast is, luid, energiek en overheersend. Beginnend in de VS komt Cain uiteindelijk uit in Japan. Je zou het met de schreeuwende Japanse reclames en de populariteit van de patchinkohal (prikkeloverload, anyone?) niet meteen zeggen, maar Japanners zijn over het algemeen introverter dan Amerikanen. Wat de norm is, is geen natuurlijk gegeven maar cultuurgebonden.

Prikkels

In Stil bespreekt Cain een indrukwekkende hoeveelheid onderzoek. Zo legt Cain uit dat de aanleg voor introversie of extraversie bepaald wordt door hoe je hersenen werken. De mate waarin je introvert of extravert bent heeft te maken met hoe sterk je op prikkels reageert. Een extravert iemand is minder gevoelig voor prikkels en heeft er dus meer nodig om zich prettig te voelen. Een introvert reageert sterker op prikkels, en dat betekent niet mensenschuw of sociaal onhandig. Waarschijnlijk betekent het wel dat een introvert na veel drukke dingen eerder behoefte heeft aan rust.

‘In contact met anderen geeft een introvert energie weg,’ legde Liesbeth uit in het programma Tijd voor MAX. ‘Extraverten laden juist heel erg op van met andere mensen zijn.’ Hoe dat in de praktijk werkt bleek na de uitzending – ik was namens de uitgeverij mee met Liesbeth naar de studio. Terwijl wij een tikkie gaar terug gingen met de trein stuiterde presentator Siebrand Niessen – fully charged – nog door de kantine van Omroep MAX.

Goed gezelschap

Het is gemakkelijk om van beide persoonlijkheidstypen karikaturen te maken. En je dan aan de ander te ergeren. De één een luidruchtig haantje dat naar niemand anders luistert, een druktemaker die geen vijf minuten stil kan zitten. De ander een stille, suffe muts zonder mening die het liefst thuis zit met de gordijnen dicht. Alleen natuurlijk. Onder een roze dekentje.

Maar wanneer je een beetje weet hoe het zit, is het ook makkelijker om te begrijpen waarom de ander doet zoals hij doet. Het is niet uit verlegenheid dat een introvert er stil bij zit, maar diegene denkt eerst nog even na voordat hij wat zegt. Anders dan een introvert denkt een extravert niet van tevoren maar terwijl hij of zij spreekt.

Introvert, interoverter, introvertst: thuis alleen een boek lezen onder een roze dekentje

Het zijn heldere voorbeelden als bovenstaande die de verschillen tussen de twee duidelijk maken. In dit opzicht biedt Ik moet nog even kijken of ik kan iets meer dan Stil, omdat het een stuk praktischer is. Het is overigens ook een boek met veel meer humor – ja, Liesbeth is echt leuk – dat door de zelfspot en het veelvuldige gebruik van magenta de hele kwestie van introversie uit de hoek trekt van sneuneuzerige grijze muizen. Toegegeven, Angela Merkel is misschien niet het grootste feestnummer, maar Beyoncé kun je toch moeilijk grijs noemen – wel introvert.

Als het gaat om uitleggen wat introversie nu precies is, vullen beide boeken elkaar mooi aan. Zowel Stil als Ik moet nog even kijken of ik kan laten zien welke eigenschappen je bij introverten ziet en hoe je deze kunt inzetten tot je voordeel. Zo zijn introverten (over het algemeen) loyale en betrouwbare vrienden, zijn ze niet erg gevoelig voor status en materieel gewin, kunnen ze zich goed concentreren en goed luisteren.

Wie deze eigenschappen bij elkaar ziet, zal het niet verbazen dat introverten wel degelijk verder komen dan de postkamer, waar de eerder genoemde Sander Kok toch zo bang voor was. Had hij ook maar even de moeite gedaan om alleen al op internet te zoeken naar bekende introverten. Dan had hij in no time een lijstje gevonden met Barack Obama, Warren Buffet, Mark Zuckerberg en Bill Gates.

Het introverte inzicht

Geen verkeerd gezelschap om in te verkeren als introvert. En voor wie zich zorgen maakte, voor wie dacht dat er iets mis met hem was, vast ook een geruststelling. Want wie zich niet senang voelt wanneer zijn bedrijf alle kantoren transformeert tot Workplace of the Future (lees: kantoortuin) waar collega’s onder het mom van gezelligheid Radio 538 aanzetten, kan dat gevoel wel krijgen. Je niet kunnen concentreren zegt het al: niet kunnen, alsof je een gebrek hebt. En als je eenmaal op dat gedachtespoor zit, is het gemakkelijk om voorbij te gaan aan de vraag of die collega’s die de radio aan willen hebben zich eigenlijk wél kunnen concentreren.

Het introverte inzicht draait om het loslaten van de overtuiging die veel introverten vooral ook zélf onbewust hebben. Waarin introversie bijna een soort handicap is en je ervan overtuigd kunt raken dat je gaat verliezen als je ernaar luistert en handelt. Dat je er vriendschappen mee op het spel zet. Dat je bepaalde banen niet zou krijgen. Dat je geliefde je verlaat, je familie boos wordt of dat mensen je ‘raar’ gaan vinden.

Dit schrijft Liesbeth tegen het einde van haar boek. En dit is waar Ik moet nog even kijken of ik kan – net als Stil of welk ander boek over introversie eigenlijk – om draait. Uitleggen wat introversie werkelijk inhoudt én laten zien dat dat eigenlijk net zo gewoon is. Ik schrijf ‘eigenlijk’ en ‘net zo’, want zo wordt het nog lang niet gezien.

‘Bestaan er ook succesvolle introverten?’ Een belachelijke vraag natuurlijk, maar zo’n Sander Kok denkt dus dat het niet kan. En hij niet alleen. Iemand stelde oprecht deze vraag aan Liesbeth toen ze vertelde over het boek waar ze mee bezig was. Een beter bewijs voor de noodzaak van Ik moet nog even kijken of ik kan is er niet. Of het moet zijn dat dit boek nu voor de achtste week in de bestsellerlijst staat. Voor zover ik daaraan heb bijgedragen overigens – met plezier gedaan.

Liesbeth Smit - Ik moet nog even kijken of ik kan. De stille revolutie van de introverte mens | paperback, 207p. | 1e dr. Nijgh & Van Ditmar

Susan Cain - Stil. De kracht van introvert zijn in een wereld die niet ophoudt met kletsen | pocket, 391p. | 1e dr. Uitgeverij Rainbow

2 gedachten over “Onder een roze dekentje”

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *